November 2025 | Bellaw
Header SC 2 0

Overzicht sociaalrechtelijke actualiteit november 2025

(11 november 2025 – 28 november 2025)

Gepubliceerde wetgeving

  • Verhoging maximale tussenkomst werkgever in maaltijdcheque - KB 10.11.2025, BS 17.11.2025

Rechtspraak hoogste rechtscolleges

Varia

Wetgeving op komst

Wetsontwerp betreffende de verhoging van opdecimes en de verzwaring van de geldboete voor inbreuk op het Sociaal Strafwetboek met een verzwarende factor - DOC 56 1094

Wetsontwerp tot uitvoering van een versterkt terug naar werk-beleid in geval van arbeidsongeschiktheid - DOC 56 1177

Recente publicaties Bellaw-advocaten

  • CALEMYN, K., “Gegevensbescherming op de werkvloer: een arbeidsrechtelijke omkadering en analyse van enkele recente beslissingen van de Geschillenkamer van de Gegevensbeschermingsautoriteit”, SOCWEG 2025, afl. 10, 19-23.
  • VAN EECKHOUTTE, W. en TAGHON, A., Sociaal Compendium Arbeidsrecht 2025-2026, Mechelen, Wolters Kluwer, 2025, 3818 p.
  • VAN EECKHOUTTE, W. en VAN OOSTVELDT, E. (m.m.v. CALEMYN, K.), Sociaal Compendium Socialezekerheidsrecht 2025-2026, Mechelen, Wolters Kluwer, 2025, 3291 p.

De werkgever mag zijn bijdrage in een voor de werknemers afgesloten hospitalisatieverzekering niet zomaar eenzijdig wijzigen. Dat lezen we in de SoCompact-bijdrage van deze maand geschreven door meester Andries Gistelinck naar aanleiding van een cassatiearrest van 22 september 2025.

Dat onze Bellaw-advocaten al eens vaker in de pen kruipen, blijkt uit het publicatie-overzicht, onderaan deze nieuwsbrief waarin we niet alleen de publicatie van de Sociale Compendia, editie 2025-2026, aankondigen maar ook een bijdrage signaleren van meester Keone Calemyn waarin die laatste een aantal beslissingen van de GBA onder de loep neemt.

Tot slot vindt u in deze SoCompact ook een overzicht van de sociaalrechtelijke actualiteit van de voorbije maand.

Wat als de dekkingsgraad van een door de werkgever voor zijn werknemers afgesloten ziektekosten- en hospitalisatieverzekering fundamenteel vermindert?

Een arbeidsovereenkomst is een overeenkomst die gesloten wordt tussen een werkgever en een werknemer, waarbij de werknemer zich ertoe verbindt om, tegen betaling van loon, onder het gezag van de werkgever handarbeid of hoofdarbeid te verrichten.[1]

Arbeidsovereenkomsten worden, naast de regels ingeschreven in de Arbeidsovereenkomstenwet, ook beheerst door de regels van het gemeen recht ingeschreven in het Burgerlijk Wetboek. Een geldige arbeidsovereenkomst kan dus maar tot stand komen als aan de gemeenrechtelijke geldigheidsvereisten is voldaan: vrije en bewuste toestemming van elke partij, bekwaamheid van elke partij, een bepaalbaar en geoorloofd voorwerp en een geoorloofde oorzaak.[2]

Een overeenkomst die geldig tot stand gekomen is, strekt diegenen die ze afgesloten hebben tot wet.[3] Dat geldt ook voor arbeidsovereenkomsten. De werkgever kan ‘de overeengekomen arbeidsvoorwaarden’ dus niet eenzijdig wijzigen of herroepen. Een wijziging van een geldige (arbeids)overeenkomst is enkel mogelijk met de wederzijdse toestemming van de partijen, dan wel op gronden door de wet erkend.[4]

In de zaak die leidde tot het hieronder vermelde arrest van het Hof van Cassatie, wordt onderzocht of de vermindering van de dekkingsgraad van een door de werkgever voor zijn werknemers afgesloten ziektekosten- en hospitalisatieverzekering, een verboden wijziging is van een overeengekomen arbeidsvoorwaarde.

Feiten ten gronde

De zaak werd aanhangig gemaakt bij de arbeidsgerechten door een aantal werknemers in dienst van twee vennootschappen, die behoorden tot een internationale groep die onder meer elektronische controlesystemen en automatiseringssystemen produceert.

Met ingang van 1 januari 2001 werd voor alle medewerkers in België van die internationale groep één verzekeringscontract afgesloten ter dekking van kosten van hospitalisatie en van ambulante medische zorg. Die verzekering werd bij de invoering ervan aangekondigd als een belangrijke verbetering van de arbeidsvoorwaarden voor de werknemers.

De verzekeringsmaatschappij waarbij het verzekeringscontract was afgesloten, deelde op een gegeven moment mee dat de (door de werkgever te betalen) jaarlijkse premie, stapsgewijs maar in belangrijke mate zou verhogen. Om de stijging van de kosten te beheersen en te controleren, besloot de directie van de internationale groep om de dekkings- en terugbetalingsvoorwaarden (hierna de verzekeringsvoorwaarden) in het bestaande verzekeringscontract te wijzigen waardoor de dekking voor de werknemers in belangrijke mate verminderde. Deze wijzigingen werden in twee fasen ingevoerd: een eerste maal per 1 januari 2016 en een tweede maal per 1 januari 2018.

Een aantal werknemers van die twee vennootschappen besloten daartegen gerechtelijke stappen te ondernemen.

Beslissing van de arbeidsgerechten

De Arbeidsrechtbank te Brussel oordeelde in eerste aanleg dat de verzekeringsvoorwaarden geen ‘overeengekomen arbeidsvoorwaarden’ zijn die niet eenzijdig mogen gewijzigd worden.

De verzekeringsvoorwaarden zijn slechts aspecten die de partijen bij de arbeidsovereenkomst onbepaald hebben gelaten. Door die aspecten in te vullen, wijzigt de werkgever geen overeengekomen arbeidsvoorwaarde. Het feit dat het voordeel van de hospitalisatie- en ziektekostenverzekering de tegenprestatie van arbeid en dus loon vormt, verandert daar niets aan.

De arbeidsrechtbank wees de vordering van de werknemers af.[5] De werknemers gingen tegen deze uitspraak in beroep bij het Arbeidshof te Brussel.

Het arbeidshof maakt in zijn arrest een onderscheid tussen:

  • het afsluiten van een hospitalisatie- en ziektekostenverzekering;
  • de voordelen die krachtens die verzekering verworven worden;
  • de verzekeringsvoorwaarden;
  • en de werkgeversbijdrage ter financiering van de verzekering.

Het afsluiten van de verzekering maakt (in casu), volgens het arbeidshof, deel uit van de minstens mondelinge arbeidsovereenkomst. Uit de feiten blijkt ook dat de verzekering als een belangrijk element in de arbeidsvoorwaarden wordt beschouwd. Bovendien is ze verplicht voor alle werknemers.

De voordelen die krachtens die verzekering verworven worden, zijn geen loon.

Wat de verzekeringsvoorwaarden betreft, volgt het arbeidshof de redenering van de arbeidsrechtbank die oordeelde dat de verzekeringsvoorwaarden geen ‘overeengekomen arbeidsvoorwaarden’ zijn. De verzekeringsvoorwaarden maken geen deel uit van de schriftelijke arbeidsovereenkomst.

De werkgeversbijdrage ter financiering van de verzekering vormt daarentegen, net als een werkgeversbijdrage in een groepsverzekering, de tegenprestatie van arbeid en dus loon. Loon is een essentieel bestanddeel van de arbeidsovereenkomst dat niet eenzijdig door de werkgever mag gewijzigd worden. De premie maakt deel uit van het overeengekomen loonpakket. De werkgever kan dus niet eenzijdig beslissen zijn bijdrage in die verzekering te verminderen.

In casu stelde het arbeidshof vast dat de werkgever wel was overgegaan tot een ‘niet onaanzienlijke’ vermindering van de werkgeversbijdragen. De werkgever verminderde de bijdrage met een bedrag variërend tussen de 11,41 en de 68,42 euro per maand, afhankelijk van de betrokken werknemer.

Naar het oordeel van het arbeidshof hebben de betrokken werknemers dus recht op een schadevergoeding gelijk aan het verschil tussen de maandelijkse werkgeversbijdragen in het oorspronkelijke verzekeringsplan en de bijdragen betaald na de wijziging van dat plan. De overige vorderingen die gesteld werden door de werknemers, namelijk het retroactief ongedaan maken van de doorgevoerde eenzijdige wijzigingen aan het verzekeringsplan minstens eenzelfde verzekeringsplan als het initiële plan retroactief af te sluiten en de terugbetaling van de bedragen die de werknemers zelf hebben moeten betalen door de gewijzigde verzekering, werden ongegrond bevonden door het arbeidshof.[6]

Hof van Cassatie

Tegen deze uitspraak ging de werkgever in cassatie, maar ook dat cassatieberoep bracht hem geen soelaas.

Het Hof van Cassatie stelt dat het niet tegenstrijdig is te oordelen dat het afsluiten van een hospitalisatieverzekering (lees ziektekosten- en hospitalisatieverzekering) deel uitmaakt van de minstens mondelinge arbeidsovereenkomst maar de verzekeringsvoorwaarden zelf geen deel uitmaken van de schriftelijke arbeidsovereenkomst, enerzijds, en te oordelen dat de werkgeversbijdrage in een groepsverzekering een tegenprestatie voor geleverde arbeid is die deel uitmaakt van het overeengekomen loonpakket, anderzijds.

Uit de Arbeidsovereenkomstenwet volgt dat loon een essentieel bestanddeel is van de arbeidsovereenkomst en dat essentiële arbeidsvoorwaarden door een partij niet eenzijdig kunnen gewijzigd worden.

Het arbeidshof dat oordeelt dat de door de werkgever betaalde bijdragen in de groepsverzekering een tegenprestatie voor geleverde arbeid zijn die deel uitmaken van het overeengekomen loonpakket, zodat ook de werkgeversbijdrage in de groepsverzekering een essentieel element is van de arbeidsovereenkomst dat niet eenzijdig kan worden gewijzigd, oordeelt op die grond naar recht dat de werkgever zijn bijdrage aan de hospitalisatieverzekering (lees ziektekosten- en hospitalisatieverzekering) niet eenzijdig mocht verminderen.[7]

Andries Gistelinck.

[1] Art. 2 juncto art. 3 Wet 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, BS 22 augustus 1978 (hierna: Arbeidsovereenkomstenwet).

[2] Art. 5.27 BW.

[3] Art. 5.69 BW.

[4] Art. 5.70 BW.

[5] Arbrb. Brussel (Nl.) 28 april 2020, 18/1864/A, onuitg.

[6] Arbh. Brussel (Nl.) 26 oktober 2021, 2020/AB/410, onuitg.

[7] Cass. 22 september 2025, S.22.0036.N en S.22.0084.N, onuitg.